DGJ – Recap Zomerblogs 2020

 

De zomer zit er helaas weer op, maar onze boodschap over gebouwcertificaten is natuurlijk nog steeds relevant. Gedurende de zomer hebben we een drietal methodieken om de duurzaamheidsprestatie van gebouwen te meten behandeld. Dit waren GPR Gebouw, BREEAM In-Use en MPG. De laatste blog over de MPG-berekening hebben we ruimer beschouwd, waarbij ook materialenpaspoorten en de subsidieregeling voor Circulair bouwen de revue hebben gepasseerd. In dit artikel vatten we de belangrijkste zaken nog even samen en belichten we hoe deze certificeringen het beste bij verduurzamingsopgaves passen. Hiervoor hebben we onze eigen DGJ Life Cycle benadering ontwikkeld.

Afhankelijk van de life cycle van een gebouw zijn bepaalde ontwerpingrepen en -oplossingen relevant. Dit geldt logischerwijs ook voor de toe te passen duurzaamheidscertificeringen. Voor een nieuwbouwproject – wat in feite de eerste levenscyclus van een gebouw betreft – hanteren wij bij voorkeur een GPR Gebouw certificering, eventueel aangevuld met een materialenpaspoort. Het voordeel van GPR Gebouw is de veelzijdigheid en het ruime perspectief op duurzaam bouwen. Ook is het mogelijk om circulariteit apart en laagdrempelig te toetsen door middel van de CPG-module. Gedurende de ambitie- en initiatiefase geeft GPR Gebouw het beste de duurzaamheidskaders weer voor het ontwerp, waarbinnen nog voldoende ruimte is om slimme en innovatieve technieken of oplossingen op een later moment te integreren.

Bij bestaande gebouwen geldt dat afhankelijk van de bouwopgave een keuze gemaakt kan worden voor verschillende verduurzamingstrajecten en bijbehorende certificeringen. Wanneer een gebouw grondig aangepast wordt hanteren we wederom een GPR Gebouw certificeringstraject, deze trajecten lijken in grote mate ook op nieuwbouw ontwikkelingen. Voor projecten met minder grootschalige aanpassingen gebruiken we BREEAM In-Use of – indien alleen aanpassingen in de energieprestatie van het gebouw worden gedaan – een EPA-U maatwerkadvies. DGJ begeleidt gebouweigenaren bij deze trajecten, die bestaan uit een gebouwopname waarmee de huidige situatie bepaald wordt, gevolgd door een ambitieplan, welke vervolgens wordt uitgevoerd.

Certificeringstrajecten hebben waarde wanneer deze gebruikt worden waarvoor ze ontwikkeld zijn, namelijk duurzaamheid inbedden en meetbaar maken voor bouwprojecten. Dit is ook de manier waarop DGJ deze tools inzet, we zoeken naar mogelijkheden om duurzaamheidsoplossingen te maximaliseren in onze projecten. Als een certificering daaraan bijdraagt – wat het vaak doet – dan passen we deze graag toe. Aan certificeren voor greenwashing doen wij niet mee, want dit gaat ten koste van het eindresultaat, waar uiteindelijk niemand echt iets aan heeft: wie niet, opdrachtgevers niet en gebouwgebruikers niet. Samen creëren we betere gebouwen en meer positieve impact!

Leave comment